gemaakt op : 17 mrt. 2015

Wie wil jij eigenlijk zijn?

Het thema van het jaarlijkse huisbezoekthema van de Maranathakerk is dit jaar ‘Wie wil jij eigenlijk zijn?’ Een vraagstuk waarbij je jezelf eens goed in de spiegel moet aankijken wie je nu daadwerkelijk wil zijn.

Als jongetje heb ik me vooral geïdentificeerd aan helden die voor mij bereikbaar waren. Dat was al moeilijk genoeg omdat op zondag de TV bij ons niet aan stond. Stiekem Studio Sport kijken als je ouders naar de avonddienst gingen en ik mezelf moest opofferen om op te passen op mijn zusjes.

Ik kwam niet verder dan Bennie Wijnstekers, Michel van de Korput, Rene Notten en Ivan Nielsen, spelers die pasten bij de stijl van spelen zoals ik die zelf graag hanteer. Mouwen opstropen en eerst de man en als de bal toevallig in de buurt is kun je die ook nog een roei naar voren geven. Mijn allereerste herinnering aan Feyenoord dateert van de bekerfinale 1980. Het grote Feyenoord tegen een clubje uit Amsterdam. We kwamen achter. En een toen nog piepjonge Joop Hiele haalde in mijn herinnering een penalty van Karel Bonsink met de voet onder de lat vandaan. De werkelijkheid geeft aan dat het schot amper een meter hoog was. Vervolgens was het tweemaal Petur Peturson en Carlo de Leeuw (tegenwoordig materiaalverzorger bij Feyenoord) die de eindstand bepaalde op 3-1. Voor mij was de liefde voor Feyenoord bevestigd en mijn eerste Held in de vorm van Petur Peturson was geboren.

http://nos.nl/video/588781-1980-feyenoord-klopt-ajax-in-finale.html

Later werden mijn idolen verdedigers verdedigende middenvelders, die pasten bij mijn eigen spelstijl. In willekeurige volgorde: Ruudje Heus, Stef Duijst, Henk Duut, Paultje Bosvelt, Henkie Fraser, Ulrich van Gobbel, John de Wolf, Dickie Kattemor, Kenneth Monkou, Sjaak Troost, Kees van Wonderen, Moustafa Aksit, Andre Bahia, Ron Vlaar, Jeroen Hessing en Bruno Martins Indi.

Tegenwoordig is het veel Champions League wat aan het netvlies voorbij gaat. En zie je jongeren lopen in roze shirtjes met namen van wereldniveau die vaak helaas een leefstijl erop nahouden waar onze jongeren zich ook graag aan spiegelen. Voor mijn tijd – zonder televisie – kon de jeugd uit Spakenburg zich alleen maar identificeren met mannen zoals Jaan de Graaf, Woutje Heinen, Witte Jan van Diermen,  of Jan Vedder. Bakkebaarden en lange manen. De wereld is groter geworden en Madrid is misschien wel net zo dichtbij als de Westmaat. En de jeugd spiegelt zich aan hun idolen.

Wie wil jij eigenlijk zijn, aan wie spiegel jij je? We kunnen niet allemaal aanvoerder, trainer of voorzitter zijn van Spakenburg. En als kind wil je iedereen zijn, behalve je vader. Later moet je bekennen dat je steeds meer eigenschappen vertoont die je eigen vader zo typeerde. Maar in alles wat je bent, wees bewust van het gedrag wat je vertoont.

Een schandalige overtreding op het veld, je emotie langs de lijn, je opruiend gedrag jegens je tegenstander, de invloed van alcohol en drugs, wees een waardige afvaardiging van je club, kerk of werkgever waar je zo graag bij wil horen. En bedenk dat die kleine gasten meekijken en zich waarschijnlijk ongewild optrekken aan het gedrag wat hun vaders en voorbeelden vertonen.

Wij zijn zelf verantwoordelijk voor de toekomst en het karakter van ons dorp. Laat het DNA van het dorp Spakenburg tot in de lengte van jaren doorstromen in de aders van sport, cultuur, kerk en ondernemerschap. En laat de prijs van TOPSPORTGEMEENTE geen incident zijn maar een jaarlijks terugkerend ritueel. Zodat we in de authentieke papieren agenda’s de vaste feestdagen al kunnen meenemen. Pasen, Hemelvaart, Kampioenschap Spakenburg, Pinksteren, uitreiking Topsportgemeente en Kerst.

Roel de Graaf