gemaakt op : 25 oktober 2017

Affur de rucloamebordu (87)

Achter de reclameborden is een kroniek van niet alledaagse gebeurtenissen rondom het sportveld. Opmerkelijk en minder opmerkelijke zaken passeren hierin de revue.

Winstwaarschuwing
In de Derde Divisie was afgelopen weekend de 8-1 overwinning van Jong Almere City op Spijkenisse de meest opvallende uitslag. De website ‘VoetbalOpZaterdag’ besteedde er daarom extra aandacht aan.

In de zeven seizoenen van Topklasse en Derde Divisie verscheen er vijf maal eerder een uitslag op het scorebord met daarin een 8, aldus deze site. Vervolgens worden deze vijf wedstrijden opgesomd. Spakenburg staat tweemaal op dat lijstje. In het seizoen 2010-2011 werd op sportpark Ervenbos Flevo Boys met 3-8 aan de zegekar gebonden. In het seizoen 2015-2016 deden de Blauwen het nog eens dunnetjes over met een 8-1 thuiszege op ONS Sneek.

Vier van de zes clubs die 8 goals om de oren kregen, zo gaat ‘VoetbalOpZaterdag’ verder, degradeerden in desbetreffend seizoen ook daadwerkelijk. De site waarschuwt tenslotte Spijkenisse met de woorden ‘let op uw zaak’.

‘VoetbalOpZaterdag’ bekijkt de monsterscore vanuit het perspectief van de verliezer. Interessant is het echter om deze cijfers ook eens te bekijken vanuit het oogpunt van de winnaar. Wat zien we dan? In 2 van de 6 gevallen werd de club die 8 keer in een wedstrijd het net vond ook kampioen. Dat waren Kozakken Boys en Katwijk. Let wel, Spakenburg werd in beide seizoenen van zo’n megascore geen kampioen.

Welke conclusies mogen we uit deze cijfers trekken? Allereerst dat de kans groter is om te degraderen bij 8 tegengoals dan kampioen te worden bij een positieve score van 8 goals. Specifiek voor Spakenburg; een winstpartij met 8 goals levert in hetzelfde seizoen geen kampioenschap op. Tenslotte nog een klein houvast voor ons, supporters, die hopen op een Blauw kampioenschap: vorig jaar won Jong Almere City ook al een wedstrijd met 8-1 maar uiteindelijk eindigden de polderbewoners anoniem in de middenmoot.

Kortom, er is voorlopig niet zo veel aan de hand. Wel lijkt het mij verstandig om op tijd een winstwaarschuwing af te geven als Spakenburg een wedstrijd dreigt te winnen met een score van 8 goals.


Johan
Daar staat hij. In het sponsorhome. Bij een statafel met een bos bloemen erop. In afwachting van een fotomoment met nieuwe sponsors. Relaxed. Met een vleugje gehaaste alertheid. Overhemd, jasje. Onder de grijze krullen een subtiel glimlachje rond de mond. En pretoogjes die zorgen voor die jongensachtige uitstraling. Het is Johan Muijs ten voeten uit. Die pretogen van Johan heb ik overigens vaker gezien. Te vaak.


Zo’n 25 jaar geleden was Johan mijn elftalleider; we hebben het over het 3e seniorenelftal van Spakenburg. Met uitwedstrijden wilde Johan altijd voorop rijden onder het mom ‘ik weet het veld te liggen’. Inderdaad, het tijdperk van navigatieapparatuur lag nog ver voor ons. De trip naar een sportpark van vooral de kleinere onbekende clubs was daardoor vaak een grote ontdekkingsreis.

Johan knikte braaf op ons verzoek om in colonne te rijden. Dit ging goed tot aan het eerste stoplicht. Stond het licht op oranje dan gaf Johan een extra dot gas. Vervolgens moesten de drie volgauto’s een keuze maken; door rood of stoppen. Meestal reed de 2e auto nog wel door maar auto 3 en 4 werden voor een voldongen feit geplaatst. Stoppen.

Uiteraard was het gevolg dat we regelmatig, na een flinke speurtocht naar het sportpark, te laat arriveerden. Johan stond ons dan nonchalant op te wachten. Terwijl wij haastig de kleedkamer opzochten keek Johan ons aan. Zijn quasi bezorgde vraag ‘waar bleven jullie nou?’ boette aan geloofwaardigheid in zodra ik in de pretogen van Johan keek. Om met Herman Kuiphof te spreken; ‘zijn we er toch ingetuind’.

En nu staat hij daar, 25 jaar later, te wachten op exact dezelfde ontspannen manier. Klaar om, als vertegenwoordiger van de sponsorcommissie, op de foto te gaan met maar liefst 5 nieuwe sponsoren. Ik kan daaruit maar één conclusie trekken; Johan geeft ook een extra dot gas als het om sponsoring gaat.

Hille Beekhuis 

Het uitvak: Zo zoon, zo vader
Vorige week had journalist/columnist Sjoerd Mossou een heerlijke column in het AD over een juichend uitvak. Niets is werkelijk mooier als een compleet ontploffend vak uitsupporters en hij omschreef dat alsvolgt: Het geeft je het vreemde gevoel dat alle boxen van je geluidsinstallatie kapot zijn, op ééntje na! Een geweldige metafoor.

Waar die fascinatie bij mij vandaan komt? Nou, bij mijn oudste zoon Jauke. Als kind was hij altijd al op zoek naar het uitvak als wij ergens een stadion binnen wandelden of als er een (live) wedstrijd op TV was. Op vakantie in Spanje, maakte hij steevast op het strand een stadion van zand met uiteraard prominent aanwezig: het uitvak.

Dinsdagavond was ik samen met Jauke en jongste zoon Thomas aanwezig in het MacPark stadion van Zwolle voor de KNVB bekerwedstrijd PEC Zwolle-Kozakken Boys. Een paar dagen voorafgaand had ik uit nieuwsgierigheid op de website van PEC gekeken of er kaarten in de vrije verkoop zonder clubkaart konden worden gekocht en dat kon inderdaad. In het vak aangrenzend aan het uitvak (jawel) kocht ik 3 tickets voor slechts een tientje per stuk en dat geld steeg met de minuut dat de wedstrijd langer duurde in waarde. Tot 2x toe wisten de boys uit Werkendam zich terug te knokken in de wedstrijd en de 2-2, die 2 minuten voor tijd viel, liet het uitvak compleet ontploffen. En wij zaten op de eerste rang.

Dat moment deed mij terugdenken aan AZ-Spakenburg uit 2009. Bonevacia schoot toen van een metertje of 25 ergens in de slotminuut ook de 2-2 binnen waarna het uitvak met Spakenburg supporters volledig uit elkaar spatte. Wat dat betreft wordt het hoog tijd dat Spakenburg weer eens verder komt in de KNVB beker dan alleen de voorronde. Want zo’n avond zoals Kozakken Boys deze week had, is goed voor de moraal, het clubgevoel, saamhorigheid, de financiën maar bovenal voor liefhebbers van een uitvak.

Tijmen Beekhuis