Supportersclub De Stormvogel:
samen werken samen bouwen

 

Op 1 april 1973 werd supportersclub De Stormvogel opgericht. Het bestuur bestond in de eerste jaren uit Jan Hopman, Henk Koelewijn, Arian Koelewijn, Hendrik Kok, Tijmen Kok, Bertus van der Goot, Zeger Nieuwboer, Hans de Jong, en Peter Koelewijn. Bij de start gaven zich honderdzestig mensen op als lid. De inkomsten bestonden uit de lidmaatschapsgelden van tien gulden per jaar en daarnaast draaide de vereniging op giften. Sommige mensen schonken flinke bedragen. Het doel van de supportersclub was in dat eerste jaar om een overdekte zittribune te realiseren en daarnaast het organiseren van busreizen naar uitwedstrijden.

Daarnaast had De Stormvogel, de naam waaronder Spakenburg op 15 augustus 1931 van start ging, ook tot doel de onderlinge band tussen de leden te verstevigen. In de afgelopen 40 jaar is De Stormvogel met haar inmiddels ruim 700 leden van onschatbare waarde gebleken.

De supportersclub steunt SV Spakenburg door het verlenen van financiële steun en door het verrichten van diverse hand- en spandiensten. In het verleden heeft de supportersclub financiële bijdragen verleend aan de sportvereniging t.b.v. de zittribune, de lichtinstallatie rond het hoofdveld, de sporthal, de overdekte staantribune en het Joop van Leeuwenhome en de toiletgroep in de kantine. Daarnaast is hier ook letterlijk aan meegebouwd door bestuur en leden van de supportersclub.

Mede dankzij de supportersclub beschikt onze blauwe voetbalclub over één van de mooiste accommodaties van het amateurvoetbal.

Naast de verbouwingen waaraan de supportersclub sinds jaar en dag haar steentje bijdraagt reist supportersclub De Stormvogel met een supportersbus het eerste elftal na bij uitwedstrijden. Daarnaast is de jaarlijkse fancy-fair op Hemelvaartsdag één van de hoogtepunten van het jaar én een belangrijke inkomstenbron voor de kas van de supportersclub. Er wordt aan jong en oud gedacht: voor de kinderen van de leden komt Sinterklaas elk jaar aan de blauwe kant van de Westmaat op bezoek. Voor de oudere leden (en niet-leden) zijn er kaartavondjes en –toernooien.

Ook rekent de supportersclub de verkoop van blauwe fanartikelen ook tot haar takenpakket. Vele sjaals, mutsen, vlaggen etc. hebben hun weg al gevonden naar de trouwe fans van de SV Spakenburg.

Op 1 april 2013 bestond de supportersvereniging alweer 40 jaar. Om dit heuglijke feit te vieren, werd er op vrijdag 5 april 2013 een feestavond georganiseerd in sporthal De Stormvogel. Op deze avond waren leden in de gelegenheid het bestuur te feliciteren met deze mijlpaal en werd er verder genoten van een hapje en een drankje. Het hoofdbestuur van Spakenburg bood deze avond een koperen plaat aan de supportersvereniging aan, die aan de buitengevel van de supportersruimte prijkt.

Onderstaand interview met drie bestuursleden van de supportersclub verscheen in de presentatiegids 2012-2013.

Supportersclub De Stormvogel: al veertig jaar een begrip bij SV Spakenburg
Gerrit Hop, Roel Heinen en Jaap Koelewijn zijn drie namen die al jarenlang verbonden zijn aan supportersclub De Stormvogel. Deze vereniging bestaat alweer bijna veertig jaar; op 1 april 2013 zal het jubileum een feit zijn. In deze periode is De Stormvogel uitgegroeid tot een vereniging met ruim zevenhonderd leden. Er is uiteraard veel veranderd in die tijd en er zijn legio projecten gerealiseerd ten behoeve van SV Spakenburg. In dit interview vertellen de drie bestuursleden over de oprichting en de ontwikkeling van de supportersvereniging, over hun eigen werk als vrijwilliger, andere voetbalzaken en natuurlijk hebben we het ook nog even over het kampioenschap van afgelopen seizoen.

Even voorstellen
De 58-jarige Gerrit Hop is getrouwd met Tiny en vader van vier kinderen. Velen zullen hem kennen want Gerrit is vrijwel dagelijks op sportpark De Westmaat te vinden. Als hoofd van de onderhoudsploeg zorgt hij er met zijn manschappen voor dat het sportpark netjes blijft. Alle voorkomende werkzaamheden worden aangepakt. Van het opbouwen van noodtribunes voor een derby en het helpen bij verbouwingen, tot het vernieuwen van reclameborden en het opruimen van de rommel die na het weekend op het park achterblijft. Naast bovengenoemde werkzaamheden is hij al vele jaren secretaris van De Stormvogel. Gerrit vertelt hoe hij verzeild is geraakt bij onze Blauwe club: “Via mijn broer Pat ben ik bij de Blauwen terechtgekomen. Pat voetbalde bij Spakenburg, hij heeft nog een paar wedstrijdjes met het eerste elftal meegedaan als wisselspeler. Op een dag ging ik met hem mee en zodoende ben ik een Blauwe geworden. Later werd ik door Ome Piet benaderd om te helpen bij het Rad van Avontuur en al snel daarna werd ik bestuurslid van de supportersclub. Dit alles tot grote ontevredenheid van mijn vader, want hij was één van de oprichters van IJsselmeervogels. Persoonlijk vind ik dat het domste wat hij ooit gedaan heeft, maar ja….”

Roel Heinen, getrouwd met Maggie en vader van vier Blauwe zonen, is in het dagelijks leven leerkracht op een basisschool in Hoogland. In tegenstelling tot Gerrit was het bij hem logisch dat hij Blauw zou worden. Roel woonde op ‘de Punt’ en daar was iedereen voor Spakenburg. Roel: “Het Blauwe gevoel is mij met de paplepel ingegoten. Mijn vader was een rasechte Blauwe en de hele buurt was Blauw. Vanaf mijn achtste jaar heb ik gevoetbald bij Spakenburg. Het hoogste wat ik heb gehaald, was het derde elftal. Ik was geen toptalent, want ik was te traag. Sinds 1 april 1977 ben ik penningmeester van de supportersclub. Destijds vroeg wijlen Willem Vedder mij om penningmeester te worden en het leek me wel leuk. Inmiddels doe ik het al bijna vijfendertig jaar met veel plezier. In de beginjaren was het natuurlijk heel anders dan nu. Ik herinner me dat we voor de contributie bij iedereen persoonlijk langs gingen. Ook wierven we nieuwe leden in de kantine en dan gebruikten we soms vloeitjes en bierviltjes als betalingsbewijs.”

Ook bij Jaap was het logisch dat hij supporter van Spakenburg zou worden. Zijn vader, ‘Ome Piet’, was namelijk één van de oprichters van de supportersclub, en zodoende ook Donkerblauw: “Als ik naar de rooien was gegaan, had ik nu waarschijnlijk geen benen meer gehad. Het is zelfs zo, dat mijn vader mij eerst lid heeft gemaakt van supportersclub De Stormvogel, alvorens hij mij heeft laten inschrijven in het bevolkingsregister! Die traditie heb ik er maar ingehouden, want toen mijn vrouw Angelique en ik een paar jaar geleden de trotse ouders werden van een dochter, heb ik bij haar hetzelfde gedaan”, vertelt de man die in het dagelijks leven als timmerman in de bouw werkt. Als kind hielp Jaap zijn vader vaak met klusjes voor de supportersclub, maar dat Jaap in het bestuur is gekomen, komt niet door zijn vader. “In het verleden was ik vrijwilliger bij Spakenburg. Ik ben jeugdleider geweest, ik heb bardiensten gedraaid in de kantine en in de sporthalbar en hielp waar nodig. Op een dag kwam ik in gesprek met Willem Beekhuis. Hij vertelde dat er bij de supportersclub behoefte was aan jonge, enthousiaste mensen. Het probleem was echter dat zij niemand konden vinden. Het leek mij wel wat, dus nadat het bestuur had gestemd, ben ik erbij gekomen. Het was leuk om samen met mijn vader in het bestuur te zitten, maar helaas hebben wij maar een paar jaar samen kunnen werken. Hij overleed namelijk in 2000”, aldus Jaap.

Oprichting
Op 1 april 1973 werd supportersclub De Stormvogel opgericht. Het bestuur bestond in de eerste jaren uit Jan Hopman, Henk Koelewijn, Arian Koelewijn, Hendrik Kok, Tijmen Kok, Bertus van der Goot, Zeger Nieuwboer, Hans de Jong, en Peter Koelewijn. Bij de start gaven zich honderdzestig mensen op als lid. De inkomsten bestonden uit de lidmaatschapsgelden van tien gulden per jaar en daarnaast draaide de vereniging op giften. Sommige mensen schonken flinke bedragen. Het doel van de supportersclub was in dat eerste jaar om een overdekte zittribune te realiseren en daarnaast het organiseren van busreizen naar uitwedstrijden.

Gerrit herinnert de uitbreiding van activiteiten in de daaropvolgende periode. “Op een gegeven moment gingen wij bij bedrijven langs om de wedstrijdballen te laten sponsoren en we startten met de verloting van een vleesschotel op de zaterdagen. Inmiddels is de vleesschotel vervangen door een vleesbon of een fles Sonnema, maar de verloting is nog steeds een wekelijks terugkerend item.”

Roel vertelt verder: “Later kwam iemand met het idee om een fancy fair te organiseren. In de beginjaren was het nog kleinschalig. Wij hielden de fancy fair in de kantine op de laatste zaterdag van juni, later is dat verplaatst naar Hemelvaartsdag. In de beginjaren stonden we ook met een kraampje op de Spakenburgse dagen.”

“Daar gebeurde het dat Bertus van der Goot een ongelukje overkwam. Een klant zou gaan luchtbuksschieten en hij had het geweer al in zijn handen. Toen hief Bertus zijn hand op en zei de klant nog even te wachten omdat hij nog iets moest doen. De klant hoorde niet wat Bertus zei en schoot dwars door de opgeheven hand van Bertus”, weet Jaap zich te herinneren.

Steeds groter
Gerrit vertelt over de ontwikkeling van de activiteiten: “In de loop der jaren werd de fancy fair steeds verder uitgebreid. Het Rad van Avontuur, de lootjes, het ballengooien en hoogste-ogen-gooien waren onder meer spellen die in het begin gespeeld konden worden op de fancy fair. Ook werd in de beginjaren altijd een show met parachutisten georganiseerd. De parachutisten kwamen aan sponsorvlaggen naar beneden zweven. Succesvolle activiteiten zijn altijd gebleven en spellen die weinig opbrachten, zijn vervangen door iets nieuws. Het Rad van Avontuur en het enveloppenspel leveren ieder jaar veel geld op en zijn dus al vanaf het begin jaarlijks terugkerende onderdelen op de fancy fair.” Roel vult aan: “Vernieuwing is goed, maar soms ook lastig. De nieuwe ideeën moeten ten eerste betaalbaar zijn en ten tweede een goede opbrengst genereren.”

“Bij de volgende fancyfair gaan we het tribunespel introduceren. Iedereen kan een stoel ‘kopen’ en hierbij zijn dan mooie prijzen te winnen”, legt Jaap uit.

Niet alleen de fancy fair wordt georganiseerd door De Stormvogel. De mannen noemen op wat er zoal nog meer gedaan wordt: “Ieder jaar is er met Sinterklaas een feest voor de kinderen van onze leden. Op een woensdagmiddag in november wordt er een leuk programma aangeboden en uiteraard komt Sinterklaas ook nog even langs. In de periode tussen kerst en oud en nieuw organiseren we een kaarttoernooi en iedere zaterdag verkopen we vanaf de rust toegangskaartjes tegen een gereduceerd tarief. Het regelen van de bussen naar alle uitwedstrijden zit ook in ons takenpakket en bij een kampioenschap organiseren we natuurlijk de verkoop van kaarten voor extra supportersbussen.”

Het doel van De Stormvogel is na al die jaren hetzelfde gebleven, namelijk ondersteuning en financiering van verbeteringen van ons sportpark. Er is in de geschiedenis van de supportersvereniging al heel wat gerealiseerd. Gerrit vertelt waar de supportersclub allemaal aan heeft bijgedragen: “Het eerste wat wij financierden waren de lichtmasten. Later volgden de vorige zittribune en de overdekte staantribune. Een groot project was de bouw van sporthal de Stormvogel waaraan we hebben meebetaald. Daarna was de kantine aan een opknapbeurt toe, werd de nieuwe toiletgroep gebouwd en ook de jeugdbestuurskamer is er met medewerking van ons gekomen. Op dit moment wordt hard gewerkt aan de staantribune aan de zuidzijde van het hoofdveld. Ook hier dragen wij ons steentje aan bij.”

Veertig jaar
In de veertig jaar dat supportersclub De Stormvogel actief is, zijn er al heel wat jubilea gevierd. Roel herinnert zich nog wel dat het twaalf-en-een-halfjarig jubileum en het vijfentwintigjarig jubileum destijds groots zijn gevierd. Roel: “Als we straks in april veertig jaar bestaan, willen wij hier uiteraard ook aandacht aan besteden. In welke vorm dit plaats gaat vinden, is nog niet bekend. Wel zijn we al druk aan het vergaderen over de mogelijkheden. In ieder geval zullen we ons best doen om iets leuks voor onze leden te organiseren.”

Voetbal
Wij vragen de bestuursleden naar hun beleving bij de wedstrijden van ons eerste elftal. Roel neemt als eerste het woord: “Ik bezoek alle wedstrijden, zowel uit als thuis. Mijn vrouw weet ervan, de zaterdagmiddag is voor het voetbal. Ik heb haar zelfs ontmoet op de feestavond van het twaalf-en-halfjarig jubileum van de supportersclub. Tijdens de wedstrijd ga ik soms flink tekeer. Ik ben namelijk zeer fanatiek. Doordeweeks sta ik voor de klas, dus dan moet ik me netjes gedragen. Op zaterdag kan ik even lekker tekeer gaan. Maar na de wedstrijd is het altijd meteen over. Ook als we verliezen blijf ik niet lang dwars.”

Bij Jaap ligt dat iets anders: “Als wij verliezen ben ik de hele avond chagrijnig, ik ben dan niet te genieten. Het is voor mij moeilijk om dan om te schakelen. Net als Roel en Gerrit ga ik ook naar iedere wedstrijd van ons vlaggenschip. Bij uitwedstrijden heb ik ook de taak van bus begeleider van bus 1, de ouderenbus.”

Ook Gerrit is uit en thuis aanwezig bij de wedstrijden: “In tegenstelling tot Roel en Jaap ben ik altijd heel rustig langs de lijn. Ik sta eigenlijk nooit te schreeuwen. Wel ben ik na een verlies chagrijnig. Dat duurt soms wel tot de woensdag erna. Op woensdag ga je weer naar de volgende wedstrijd toeleven, dus dan is het wel over. Met de onderhoudsploeg discussiëren we dan onder het genot van een kopje koffie over alle mogelijkheden om het verlies weer te compenseren en toch kampioen te worden.”

Van het komende seizoen hebben de mannen hoge verwachtingen. Jaap: “De selectie is aardig versterkt op de zwakke posities. Wij verwachten zeker dat we tot de laatste dag mee gaan doen om de titel.”  Het zou wel eens een keer leuk zijn om twee keer op rij de titel te pakken en het liefst nu ook met die kers op de taart erbij, het algeheel kampioenschap. Wij zijn soms te snel tevreden met het zaterdagkampioenschap en gaan dan niet tot het uiterste voor die algehele titel”, vindt Roel.

Gerrit en Jaap: “Daar heb je een punt Roel, maar aan de andere kant zijn wij wel gemoedelijk en dat heeft ook zijn charme. Doordat wij niet zo streberig zijn, is het wel gezellig bij ons. En daardoor zijn we misschien wel eens prijzen misgelopen, maar de sfeer die hier heerst mag niet ten koste gaan van prestatiedrang.” “Ja, daar kan ik me eigenlijk wel voor honderd procent bij aansluiten”, besluit Roel.